Nest met spiegelei

door Anneke Doornbos

Moederdag

Ze is op visite, die zondagavond. Na het eten wandelen we langs het stuk grond waar verscholen in de bossen twee huizen staan.
‘Kijk’, zeg ik tegen haar, ‘Hier gaan wij misschien wel wonen later’.
Ik leg uit dat het een soort kring van kleine huisjes is voor oudere mensen. Een woonhof.
Ze reageert nauwelijks. Ze knikt in de verte, in richting van óns huis.
‘Jullie wonen daar toch goed’, is het enige dat mijn dochter zegt.
Haar ‘woonhof’ voor jongelui met een verstandelijke beperking is al weer bijna acht jaar geleden gerealiseerd. Daarvoor was er een traject van jaren van voorbereiding. Contacten leggen met andere ouders, gemeenten, woningstichtingen, zorgaanbieders.
Vaak werd ik moedeloos, maar ik bleef trekken aan dat ‘dooie paard’.
Dat dooie paard ligt nu in Wierden. Samen met een groep ‘jongere ouderen’ willen we een woonplan initiëren. Kleinschalig wonen, duurzaam, levensloopbestendig en omzien naar elkaar, zijn de kernwoorden.
Dat zijn mooie ideeën maar dan komt er een paardenstal voorbij aan nog meer kernwoorden; wooncontingenten, bouwafspraken tussen omwonende gemeenten, bestemmingsplannen, projectontwikkelaars en makelaars.
Het wordt wéér een weg van de lange adem. Maar dan voor onszelf.
Voor mijn schoonmoeder is er een ander verhaal. Zij woont met haar leeftijd, ver over de tachtig, nog steeds in haar eigen huis in een grote stad.
Ze lijdt aan onder andere, vasculaire dementie, is slecht ter been en als ze haar medicatie niet neemt, krijgt ze waanbeelden. Op gezette tijden heeft ze hulp aan huis voor de medicatie, verpleegkundige handelingen en huishoudelijke hulp. Verder is er de mantelzorg die voornamelijk gedaan kan worden door één dochter die in de buurt woont.
In de straat heeft ze geen contact meer. Van buren hoeft ze geen hulp te verwachten, dat zijn studenten of werkende gezinnen. Ze kent geen namen en geen gezichten.
‘s Morgens stapt ze met veel moeite in de bus die haar naar de dagbesteding brengt. In een vreemde wijk waar ze niemand kent, brengt ze de dag door met een groepje gelijkgestemden.
Toen de dementie nog niet haar leven overheerste gaf ze duidelijk te kennen niet naar een verzorgingstehuis te willen gaan. Ze wist hoe het daar was van haar overleden man.
Nu proberen we zolang mogelijk het thuis wonen te ondersteunen.
Als we bij haar op bezoek komen, staat ze in de keuken te drentelen bij het koffiezetapparaat. Ze lacht en mompelt wat, doet een verkeerd kastdeurtje open en verstart.
‘Zal ik even koffie zetten dan kan u de bloemen doen’, red ik haar. Opgelucht pakt ze het boeket aan en legt het op de rollator. Stapje voor stapje in een huis dat haar niet meer past.
Het is niet het beeld wat ík voor ogen heb om ouder te worden.
Daarom blijven we de kar trekken.
Die ouwe knol staat vanzelf op.

4 reacties

  1. Moederdag…
    Een “lange adem “ en geduld…
    Prachtige eigenschappen die jullie beide bezitten dat maken wij van nabij mee.
    Ik wens voor jullie dat dat wooninitiatief er komt
    Liefs Tarek en Ina

  2. Die ouwe knol wordt gestuurd door zeer gedreven en bedreven menners. Dat gaat jullie vast wel lukken hem overeind te krijgen.
    Alle succes Ton en Annelies

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

© 2019 Nest met spiegelei

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑

%d bloggers liken dit: